Luister
Live
2 januari 2022 - 15:54
Deel dit artikel:

Toine Lathouwers verhaalt over zijn oorlogstijd: 'Ik zie die onschuldige mensen nóg voor me'

Vorige week overleed oud-Valkenswaardenaar Toine Lathouwers. Tijdens een ontmoeting, enkele jaren geleden, vertelt hij over zijn relatie tot oorlog. Hij is een geboren verteller en legt herinneringen, documenten en andere bewijzen op tafel die alles te maken hebben met zijn rol in de Tweede Wereldoorlog. Intussen geeft hij ook een inkijk in zijn tijd als rijkswachter in België. Een zeer indrukwekkend palmares.

valkenswaard24
  / Evert Meijs
  • Beeld - Evert Meijs

Vanuit appartementencomplex De Lier in Achel steekt Toine (Petrus Antonius) enkele jaren geleden van wal. Een rustige verteller, sociaal en met zacht karakter. Een rijzige man die vriendelijk uit zijn ogen kijkt. “Mijn vader (August Lathouwers) was van Valkenswaard en mijn moeder (Maria Cox) van Achel. Via de oorlog van ’14 tot ’18 leerde mijn vader Maria kennen en zijn ze getrouwd.” De Eerste Wereldoorlog komt uitvoerig ter sprake. “Het gezin van mijn moeder, Cox, werd gedeeltelijk door de Duitsers opgepakt omdat één van haar broers spion zou zijn van spionagedienst Cereal Company. Op 27 september 1917 werd hij (Eugenius Josephus Cox) op 26-jarige leeftijd doodgeschoten aan de elektrische draad. Broer Joseph en zus Céline kregen de doodstraf maar door tussenkomst van de Paus werd de doodstraf omgezet in levenslang. En broer Emiel tenslotte zat negen maanden in de gevangenis. Vader Cox kwam in een strafkamp terecht en kwam later half-dood terug. Een oorlogsdrama.”

Belgisch paspoort

In 1927 trekt Toine als driejarige vanuit Valkenswaard naar Achel Statie 21 en woont daar tot zijn huwelijk met Maria in 1948. Hij treedt in 1946 in dienst bij de Rijkswacht. “Elke keer als je promotie maakte, moest je verhuizen. Daarom kwamen we na Achel later terecht in Hasselt, Maaseik, Mol, Arendonk en Leopoldsburg. Tenslotte streken we weer in Achel neer”, aldus Lathouwers, die naar de slaapkamer loopt om daar een stapel papieren te pakken, en een indrukwekkende verzameling medailles. “Omdat we in België woonden, wilde ik na de oorlog graag een Belgisch paspoort. Ik naar Hasselt, waar ik te horen kreeg dat de aanvraag wel enige tijd zou kunnen duren, tenzij ik iets speciaals zou doen voor de Belgische staat.” De gastheer vertelt aan de ambtenaar dat hij tijdens de oorlog (vanaf 1942) bij het gewapende verzet is geweest in het Geheim Leger (voorheen BNB). Maar de functionaris vertelt dat dát nog niet door de overheid wordt erkend. Dus moet hij iets anders organiseren, teneinde wat sneller Belg te kunnen worden. “Dan word ik oorlogsvrijwilliger”, zegt hij vastbesloten. Zijn moeder is stiekem fier met dit besluit, zijn vader houdt zich wat op de vlakte. Op 5 februari 1945 moet Toine als vrijwilliger naar Sint-Pieters-Woluwe, komt daar terecht in een leeg schoolgebouw, moet drie weken keihard trainen en wordt als reserve-militair naar Nederland gestuurd om via ’s-Hertogenbosch te worden ingezet op plekken waar bij de strijders tekorten zijn ontstaan. Hij wordt ingelijfd bij het Tweede Bataljon Fuseliers Diksmuide, samengesteld uit Vlaams sprekende oorlogsvrijwilligers en beroeps- en reservemilitairen. Tot aan de bevrijding in 1945 vecht Toine als bevrijder van Nederland in de streek van Dodewaard, Dreumel, Alphen en Heerewaarden. Meerdere documenten op de tafel van Toine Lathouwers sommen de wapenfeiten op van het bataljon.

Herdenking Zaltbommel

Voor al zijn heldendaden wordt Toine geëerd met maar liefst dertien medailles. Een medaille vanwege deelname aan de gewapende weerstand 40/45, een ereteken met gekruiste sabels en bronzen kroon, het Kruis van Ridder in de Orde van Leopold II en een teken van Ridder in de Orde van het Belgisch Kruis voor daden en van moed en zelfopoffering. Ook het Irish Cross maakt deel uit van de serie medailles. Terecht dat Lathouwers trots is op de vele onderscheidingen en eretekens. Hij is immers een échte bevrijder en heeft zijn leven daar meermalen voor in de waagschaal gelegd! Op de vraag waarom Toine toch zó veel óver heeft gehad om oorlogsvrijwilliger te worden, antwoordt hij: “Enerzijds uit vaderlandsliefde voor zowel Nederland als voor België, en anderzijds vanwege het oorlogsdrama in de familie Cox.”

Onderduikers

Daarna komt de episode van geheim verzet ter sprake. “Vele Joodse gezinnen werden tijdens de oorlog overgebracht van Noord-Nederland naar Valkenswaard. Ze kwamen dan terecht in één van de douanierswoningen nabij Café Zomerhof (voorheen Perjanneke). Van daar uit brachten we ze - vaak met veel koffers - over het land richting Achel tot aan de beek van de Kluis. Dan verder naar Lille, waarbij kapelaan Teunissen ook een rol speelde. Als hij liep te brevieren, betekende dat, dat we voort konden gaan. Anders moesten we ons verstoppen. Vervolgens gingen de onderduikers richting Brussel en werden ze opgevangen door de bekende baanwielrenner Piet van Kempen.“ Van Kempen zorgt ervoor dat de Joden weer verder kunnen worden gebracht.

Tabak en foto’s

Aan het einde van het gesprek vertelt Toine dat hij tijdens de bevrijding in Nederland van een 12-jarig meisje een beeldje krijgt, dat hij lange tijd nog had bewaard. Dat hij meermalen per trein tabak gesmokkelt van Achel naar Valkenswaard en dat een fotograaf uit Hamont nog verschillende foto’s nagelaat uit oorlogstijd, die later naar de heemkundekringen van Hamont en Achel gaan.

Op de vraag wat hem nou het meest bijblijft van die spannende tijden, antwoordt Toine: “Die onschuldige mensen, die hun leven verloren tijdens de oorlog. Ik zie ze zo nóg voor me.” Zaterdag 8 januari vindt de uitvaart plaats in Leopoldsburg.

Download de gratis app van Valkenswaard24 en mis niets → Apple | Android

Deel dit artikel:

Reageren

Ga terug