De vijftienjarige Dean Goossens uit Valkenswaard begon op zijn achtste met BMX-Racing. In eerste instantie puur vanuit interesse. Het duurde echter niet lang of men ontdekte Deans verborgen fietstalent. Wat begon als hobby sloeg al snel om in fanatisme en drang om te winnen. Na het behalen van de tweede plaats op het Nederlands Kampioenschap, ontsproot eind 2025 een nieuwe droom: het wereldkampioenschap BMX-racing 2026 in Australië. Een crowdfundactie werd op touw gezet en trainingen werden geïntensiveerd. Tot het moment dat Dean zeer ongelukkig ten val kwam. Einde WK-droom.
Het begon dus als hobby, dat fietscrossen. Dean Goossens was nog maar acht jaar oud. Elke week trouw naar de trainingen bij thuisclub Lion d’Or. Dean: “Door de jaren heen ben je aan het trainen en doe je gewoon je best. En op een gegeven moment wordt wel duidelijk dat je iets kan; dat je er goed in bent. Vanaf toen ben ik me gaan opgeven voor wedstrijden. Eerst ‘interclubs’; onderlinge wedstrijdjes tussen zo’n vijf regionale clubs. De volgende stap waren de regiowedstrijden in Brabant en Limburg.” Van daaruit stroomde Dean door naar de topcompetitie van Nederland, gevolgd door Europese-, en Wereldkampioenschappen. Deans ouders: “Hij kon zich in principe bij een team inkopen, maar wij als gezin besloten om het, samen met 192 coaching club, zelfstandig te doen.”
Aangezien Dean steeds beter ging fietsen werden zijn trainingen stap voor stap uitgebreid. “Dat ging geleidelijk aan”, zegt Dean. Eigenlijk gewoon door de jaren heen.” Van twee trainingen per week bij Lion d’Or, naar extra wintertrainingen op zondag. En zo werd Dean op een gegeven moment tweede van Nederland. “Dan denk je, het gaat eigenlijk best goed, dus dan ga je verder zoeken”, vertelt de VWO-scholier. “Toen kwam het moment dat we zijn gaan samenwerken met oud-Olympiër BMX Racing Dave van der Burg. Dat is nu mijn coach.”
Het trainingsschema van Dean zag er - tot voor kort - als volgt uit: dinsdag en donderdag: vaste fietstraining, maandag en woensdag: sportschool voor de beenspieren. De vrijdag was in principe rustdag. En in de weekenden vervolgens wedstrijden door het hele land. Zo niet, dan was Dean op die dagen, of in de sportschool te vinden, of had hij een extra coachtraining. Kortom, een volle zesdaagse ‘trainingsweek’. En dat het hele jaar door, naast zijn schoolactiviteiten. “Dat vergt natuurlijk enorm veel motivatie en discipline”, aldus zijn vader. “Maar hij wordt niet gepusht; ik zeg altijd: wij ‘faciliteren’ hem”, vult Deans moeder lachend aan. “Zolang zijn studiepunten goed blijven, vinden wij het prima.”
“Door de jaren heen heeft hij aan verschillende wereldkampioenschappen meegedaan”, vervolgt moeder. “Die waren allemaal redelijk in de buurt. Zo zijn we in Frankrijk en Denemarken geweest; dat was allemaal prima te doen. Maar Australië is toch even wat anders. Dat is natuurlijk een reis die je niet zomaar even doet.” In december 2025 echter, werd de knoop doorgehakt en besloten om definitief voor het WK in Australië te gaan.
Vanaf dat moment was de focus volledig gericht op het WK, juli 2026. Er werd een speciaal trainingsschema opgesteld. Extra trainingen werden ingepland en er moest natuurlijk geld komen om de hele onderneming te kunnen financieren. Aangezien daar een nogal duur prijskaartje aanhangt en alle kosten in feite voor rekening van de ouders zijn, werd besloten om een crowdfundactie op te zetten. “We hadden al foldertjes klaarliggen om bedrijven mee af te gaan. Maar zover is het helaas niet gekomen”, aldus vader. Want ‘uit het niets’ was daar opeens die bewuste training op zondag 29 maart 2026. Dean, vader en coach waren afgereisd voor een training op BMX-Racingbaan Venlo. Na een aantal prima gereden rondes, sprong Dean een bult die hij net niet haalde, waardoor hij flink onderuit is gegaan. Dean: ”Die bult heb ik gewoon te kort gesprongen; dat was een inschattingsfout.” Volgens coach Dave van der Burg, die de sprong en val zag gebeuren, schoof Dean een heel stuk door. “Waarschijnlijk heb ik zoveel vaart gehad dat ik ben doorgerold en met mijn bovenarm die klap heb opgevangen. Na de val ben ik even blijven zitten om bij te komen. Toen ik op die arm wilde steunen om overeind te komen lukte dat niet. Ik keek naar rechts en zag dat mijn arm de andere kant op stond. Mijn arm bungelde er helemaal bij. Ik had er geen controle meer over. Dus ja, dan weet je wel dat er iets fout is.”
“We zijn meteen naar het ziekhuis in Venlo gereden. Na zes uur wachten kreeg ik te horen dat ik een nacht moest blijven. Mijn bovenarm was gespleten en aan twee kanten gebroken. Er zat, zeg maar, gewoon een gat in.” Vader: “Dean zou eigenlijk de volgende dag geopereerd worden, maar het ziekenhuis had het juiste materiaal niet voorradig. Toen hebben we gezegd dat we dan liever naar het Maxima in Veldhoven wilden gaan.” Dean: “Ik heb toen nog wel eerst gips gekregen. Verrassend genoeg heb ik al die tijd bijna geen pijn gehad. Op dinsdag na Pasen ben ik uiteindelijk geopereerd.” Vader: “Vier uur lang heeft hij op de operatietafel gelegen.” Dean toont de achterkant van zijn arm. Een forse hechtwond van zo’n dertig centimeter zal een blijvende herinnering zijn aan dit treurige BMX-accident. Inmiddels is Dean op controle geweest in het ziekenhuis. “De arts is tevreden met het herstel tot nu toe. Zelfs heel tevreden over hetgeen Dean alweer kan met zijn arm”, verteld moeder enigszins opgelucht. “Over vier weken mag hij samen met de fysiotherapeut gaan kijken of hij zijn arm meer kan gaan belasten. Het volledige herstel zal waarschijnlijk drie tot vier maanden gaan duren.”
Tja, en hoe nu verder? Dean: “We zullen eerst maar eens afwachten hoe alles zal verlopen de komende tijd. Fietsen zit er dit jaar sowieso niet meer in.” “Hopelijk, als Dean weer volledig de oude wordt, dan zal hij zijn conditie, zowel fysiek als mentaal, weer van vooraf aan moeten opbouwen”, zegt vader. “En of hij dat nóg eens opnieuw zal kunnen opbrengen…” Dean: “Ik ben op dit moment niet echt in de ’mood’ om te gaan fietsen, maar dat komt wel weer terug.” Moeder reageert: “Maar zoals hij dit allemaal zo dapper ondergaat; echt petje af, vind ik. Zoveel veerkracht. Daar kan ik gewoon emotioneel van raken. Of hij diezelfde drive kan terugvinden om weer op het oude niveau terug te keren, dat weten we nog niet. Echter, mocht Dean er straks opnieuw voor willen gaan, dan gaan wij met hem mee. Maar nogmaals, eerst maar eens zien dat hij weer volledig hersteld. En dat hij het plezier terugvindt. Dat is toch het allerbelangrijkste. Daarna zien we wel weer verder.”
Download de gratis app van Valkenswaard24 en mis niets → Apple | Android